Wonen op een wiebelige wereld


Vorige week was ik in de gevangenis van Durrës. Ik zat met elf man in een tot kerkje omgebouwde gevangeniscel. Drie wankele houten bankjes langs de muren, een tafeltje met bijbels, zoete sap en pinda’s in het midden. Ik vroeg hoe het voor hen was om vast te zitten tijdens de aardbeving en wat ze toen deden. Schouders recht, brede armgebaren, veel verhalen. Ze moesten met zijn allen naar de luchtplaats, maar na een lange poos met een paar honderd gevangenen onder de sterrenhemel gestaan te hebben moesten ze toch de cel weer in. Het gebouw had het redelijk goed doorstaan, al werd ik wel door de tralies heen op een gebroken muur gewezen. De blik werd minder vast toen het over familie ging. Thuis hadden vrouwen en kinderen het zwaar, en de mannen konden niet helpen bij de angst, onzekerheid en het geregel.

Wat wonen we op een wiebelige wereld. Een Albanese aarde vol naschokken, nog steeds. De gevolgen van de aardbevingen voor veel mensen, waaronder collega’s en families van gevangenen. Onstabiele politiek. Hardnekkige armoede. Wat is gezondheid en geluk kwetsbaar.

In deze wankele wereld mag ik zelf in rust en hoop leven, in het appartement op de negende verdieping, met mooi uitzicht op de berg en over de stad. Waar het flink kan schudden en spullen omvallen als de flat weer door een beving heen en weer zwaait, maar waar ook mijn thuis is. Met veel dank kijk ik terug op het afgelopen jaar. Het werk heeft uitdagingen en groeit steeds verder. Door de giften van zoveel mensen om mij heen kan ik hier wonen en werken en anderen tot steun zijn. Ik ken steeds meer mensen. De taal ontsluit steeds meer zijn mysteries voor me. Mijn studie mag voorspoedig gaan – alle opdrachten en tentamens zijn behaald, nu alleen nog het afstuderen.

Ook in het werk zijn veel dingen mooi en goed en stabiel. Vrijdag hebben we in een bijeenkomst van Dream Academy de eerste certificaten gegeven aan twee meiden die 19 zijn geworden en beide goed op weg zijn met studie en werk. Afgelopen jaar hebben we onze groep kinderen van gevangenen die we hulp bieden kunnen uitbreiden van 100 naar 120, door een trouwe sponsororganisatie. We hebben een jonge man als gevangenispastor in dienst kunnen nemen die, toen hij zelf gevangen zat, door het werk van ShKBSh tot geloof is gekomen en zich na zijn vrijlating als onze vrijwilliger direct weer de gevangenis in heeft begeven. We hebben het voorrecht als ShKBSh goed bekend te staan bij Justitie, gevangenissen en andere organisaties.

Ik ben weer even terug in die gevangeniscel. Tijdens de dienst wiegen we heen en weer op de bankjes door een nabeving. Later vertelt een gevangene me met zachte ogen hoe hij de God van leven en vergeven heeft leren kennen. Als de bewaker hem op komt halen, zegt hij: “Bid voor ons, we hebben het nodig”. Ik geef het maar door. Naast alle dank en goede zegenwensen voor de komende kerstdagen en in het nieuwe jaar. Bidden om en ontvangen van vaste hoop in een wiebelige wereld.

“Por unë kam ardhur që të kenë jetë e ta kenë me bollëk”

“Ik ben gekomen opdat zij het leven hebben en dat in overvloed”