Ik heb een droom


Loop ik ineens in een worstenfabriek in Korça. Plastic jas aan, blauwe hoezen over mijn schoenen, haarnetje, mondkapje. En niet alleen ik, maar acht tieners staan met mij gebogen over bakken met gemalen vlees, we steken ons hoofd om de hoek van de koelruimte, we zien hoe de manshoge ovens worden schoongespoten.  Zojuist stonden we in de kamer van de directeur, die ons vertelde over de gang van zaken in de fabriek, zijn verhaal ondersteunend met beelden van de beveiligingscamera’s.

Deze rondleiding tussen salami en saucijzen is onderdeel van een droom. Niet zozeer mijn droom, maar die van de jongelui. In maart hebben we de aftrap gegeven voor ons nieuwe programma ‘Dream Academy’. Tieners met een vader of moeder in de gevangenis zouden zomaar het bijltje van werken aan je toekomst erbij neer kunnen gooien. De hopeloosheid neemt dan voorrang, of voor gedachten over je toekomstige studie of werk is geen ruimte. Deze tieners bieden we in Dream Academy een coachingstraject aan gedurende deze cruciale jaren. Een vrijwilliger wordt als mentor gekoppeld aan een jongen of meisje, en samen gaan ze aan de slag met thema’s als wat zou ik graag later willen worden, wat zijn mijn talenten, hoe pak ik dat het beste aan, hoe houd ik vol, welke uitdagingen liggen er in het verschiet? Er is de mogelijkheid om extra cursussen te volgen. Een aantal keer per jaar bieden we ook een tweedaagse training aan, met allerlei groepsactiviteiten en praktijkervaring. Daarom gisteren de worstenfabriek. Een volgende keer een ziekenhuis of een bezoek aan de burgemeester.

Ook in een worstenfabriek moet je bij de les blijven. “Willen jullie nog wat weten of sta je alleen maar foto’s te maken?” vraagt de manager die ons rondleidt. O ja, we zijn hier om wat te leren. De vragen komen op gang. Er komen andere medewerkers bij staan om met de jongelui in gesprek te gaan.

Na de worsten gemaakt te zien worden, leggen we ze later in de middag op de barbecue, hoog op de berg, op een mooi speelterrein onder de bomen. Nog net iets hoger de berg op staat een metershoog kruis uit te kijken over de stad in de diepte. Na het eten en het vervolgprogramma gaat een groepje volleyballen en met een paar anderen klimmen we naar het kruis. Ik vraag onderweg aan Ola van 15 wat ze van Dream Academy vindt. “Oh”, roept ze uit, “ik ben er zó blij mee! Zonder Dream Academy zou ik geen toekomstplannen en mogelijkheden hebben. Ik voel me zo bevoorrecht en dank God voor dit programma.”

Terwijl er gesprekjes plaatsvinden en selfies gemaakt worden, ga ik op de grond zitten aan de voet van het kruis. Er is precies zo’n hoekje waar je kunt leunen en schuilen. Ik heb ook een droom. Een land waarin men het goede voor elkaar zoekt. En waar mensen en tieners en kinderen weten waar ze kunnen leunen en schuilen. De Man van het kruis heeft zelf gezegd: “Ik ben gekomen opdat zij het leven hebben, en dat in overvloed.” Wat een droom. Wat een werkelijkheid.